Herengracht 236
1016 BT Amsterdam
telefoon 020-528 71 64
info@Alites.nl
print deze pagina

Alites Symposium 2003


Voordracht: Getemd vlees
(1)
Over persoonlijke ontwikkeling

Stel, dat u gestuurd bent om diep in de binnenlanden van de Kongo een collega op te halen die volkomen gestoord is geworden -een beest, een duivel, een machtswellusteling- wat zou er door u heen gaan? Dat u een diepzinnig loopbaangesprek gaat voeren? Dat u samen gezellig een persoonlijk ontwikkelplan gaat maken? Waarschijnlijk niet. U zult zich waarschijnlijk afvragen wat u zult aantreffen en of u uw collega mee terugkrijgt. In de roman Heart of darkness van de 19e eeuwse schrijver Joseph Conrad dat over dit thema gaat, lukt het de hoofdpersoon niet zijn gestoorde collega mee terug te krijgen uit de wildernis naar de beschaving van Engeland. De krankzinnige sterft met de woorden: the horror, the horror.  De moraal van deze roman was niet het kolonialisme van het westen maar de spanning tussen beschaving en verwildering. Wat gebeurt er met de mens als het dierlijke de overhand krijgt?  Een vraag waarover mensen op dit moment opnieuw druk speculeren. Er heerst een grote zorg over het fatsoen en het beschaafde in ondernemingen, overheidsorganen en de publieke ruimte. En niet voor niets. Neem bijvoorbeeld de mateloze graaizucht van bestuurders, de hebzucht van medewerkers, het gejok van overheidsinstanties of het geweld in de openbare ruimte.
Kunnen mensen opnieuw beschaafd worden? Dat is de dieperliggende vraag van de huidige discussies. Ik wil deze toespitsen tot de vraag of persoonlijke ontwikkeling hieraan een bijdrage kan leveren. Kunnen opleiders, coaches, loopbaanadviseurs met hun repertoire aan modellen, instrumenten en interventies iets voor het beschavingsoffensief betekenen?

De mismatch
In de geschiedenis van de mensheid is het ergens fout gegaan. Dat was toen we onze natuurlijke biotoop, de savannes, inruilden voor een omgeving van eigen makelij. De mens, een zak eiwitten, watermoleculen en kluiven, was voor een leven in de graslanden een goed biologisch product. Toen we echter dieren gingen houden en gewassen begonnen te kweken, ontwikkelden we een eigen omgeving: cultuur. We bouwden nederzettingen, ontwierpen bestuurlijke organen, begonnen handel te drijven, bedachten boekhoudkundige systemen en vonden uiteindelijk het schrift uit. Helaas vereiste het leven in deze nieuwe sociotopen ander gedrag. En dat was het probleem. Onze driften, emoties, angsten pasten er niet goed bij. Tussen de beschaving en de biologie van de mens ontstond een kloof die hinderlijk was in de eerste stadstaatjes en die ruineus is voor onze hoogtechnologische bedrijven en beschavingen. Om een voorbeeld te geven: mannen zijn nog steeds concurrerend ingesteld. Ze wedijveren met elkaar om macht, status en geld. Dat kunnen ze ook niet helpen, omdat hun biologische programma hen parten speelt. Het zijn tekenen dat het oeroude biologische mechanisme nog steeds werkzaam is: welk mannetje is de krachtigste, heeft het beste DNA en is de beste partner voor een vrouwtje om mee te paren. Eigenschappen die in de ‘wilde’ natuur erg profijtelijk zijn maar beslist niet in complexe beschavingen waar het om driftbeheersing, inlevingsvermogen en samenwerken gaat.
Je kunt stellen dat de oude boeken over ethiek en de vele moderne handleidingen voor persoonlijke ontwikkeling deze mismatch tussen het dierlijke van de mensen en de eisen van de beschaving tot onderwerp hebben gemaakt: hoe tem je een mens?

Drie onzinnige methoden
In de wereld van persoonlijke ontwikkeling en HRM zijn nogal wat benadering populair die dwaas zijn als beschavingsmethode. Ik zal de ergste kort de revue laten passeren.

Jacobsladderen
Je komt ze nog regelmatig tegen: professionals die geloven dat mensen iets goddelijks in zich dragen, een kern al dan niet van spirituele kwaliteit die gevonden en ontgonnen moet worden. De persoonlijke ontwikkeling is daar dan helemaal opgericht. Meestal hanteren goeroes en goerinnen in deze benadering allerlei varianten van Jacobsladdertjes.  Iemand gaat steeds een treetje hoger in zijn ontwikkeling totdat hij de hoogste staat van ‘het Zijn’ gehaald heeft. De laagste trede is die van de materie of materiele behoeften. Zo stijgt iemand van het puur materiele en dierlijke op tot het beschaafde en goddelijke. De piramide van Maslow is een van de bekendste laddertjes. De term ‘Jacobsladder’ is ontleend aan het boek Genesis, aan het verhaal waarin Jacob droomt dat er een ladder geplaatst is tussen de hemel en de aarde, waarlangs engelen heen en weer lopen. Het is een archetype hoe de kloof tussen het aardse en het hemelse verbeeld is en wordt.
Het Jaconsladderen is een onzinnige methode om mensen te beschaven omdat het een fasemodel tussen een verwilderde staat en een hemelse, beschaafde toestand veronderstelt. Dat is niet het geval. De driften en behoeften van mensen laten zich niet zodanig bevredigen dat een stap naar een hoger niveau van functioneren kan worden gezet.

Denkselen
In de jaren zestig van de vorige eeuw werd de cognitieve benadering van emoties opnieuw populair. Kenmerkend hiervoor is de opvatting dat emoties oordelen over de werkelijkheid zijn die het organisme tot actie aanzetten. Het klinkt ogenschijnlijk fantastisch, deze oude Stoïcijnse opvatting. Emoties als evaluatie van de werkelijkheid. Is wat ik zie gevaarlijk? Hoor ik iets vreemds? Is er iets moois? Kortom taxaties die bepaalde emoties oproepen: bij gevaar hoort angst, bij het vreemde de verbazing en bij het mooie de lust. Deze beoordelende emoties zorgen vervolgens voor het passende gedrag: wegvluchten, stilstaan, genieten. Helaas, zo zagen onze verre voorouders ook in, zijn emoties te globaal van karakter en geven ze ons regelmatig verkeerde inschattingen van de werkelijkheid en daarom moeten we altijd de onderliggende gedachten blijven inspecteren en zonodig bijstellen. Een beschaafde leider en professional is in staat zijn emoties en driften te beheersen door de gedachten en oordelen die eraan ten grondslag liggen te reflecteren en te herzien. De vele cursussen emotionele intelligentie zijn hierop gericht.
Helaas is ook deze stroming minder veelbelovend voor de beschavingsarbeid dan hij aanvankelijk leek te zijn. Het grote bezwaar tegen het ‘denkselen’ is dat de ratio een te groot gewicht krijgt. Alle emoties zouden cognitieve overwegingen zijn. Dat is niet zo. Veel emoties onttrekken zich juist aan de rede en de redelijkheid. Je kunt toch moeilijk volhouden dat aan de graaizucht van veel mensen een redelijk oordeel ten grondslag ligt! En wie is er niet redeloos boos geworden?  Wie heeft er geen onveilige seks bedreven?

Verpoppering
De laatste onzinnige bijdrage om de kloof tussen het driftmatige en de organisatie te overbruggen is de verpoppering. Hoor je ze kakelen, zie je ze pronken, de HRM-ers, de loopbaanadviseurs die een nieuw speeltje hebben bedacht: het persoonlijke ontwikkelplan (POP). Ik zou me doodschamen om zoiets te gebruiken. Je laat volwassen mensen toch geen plan maken waarin ze hun eigen missie, persoonlijk statuut en aanwezige of afwezige competenties mogen opschrijven zodat ze weten waarop actie nodig is. Er zijn zelfs adviesbureaus die POP-boekjes maken. Dan kun je afstrepen wat je wel en (nog) niet kan. Alsof je een kleuter bent! Je zou dit soort adviseurs het liefst willen negeren ware het niet dat zij handelen vanuit een dwaze vooronderstelling, namelijk dat je jezelf kunt ontwikkelen en beschaven…  als een project, planmatig. Hier zien we de bizarre poging om van het taaie en toevallige leven een product te maken.  Werkt het POP? Is verpoppering de methode om mensen tam te krijgen? Nee, dat is het niet. Het gaat teveel uit van de maakbaarheid van mensen en hun organisaties.

 

Drie zinnige bijdragen

Wanneer je kijkt naar het Jacobsladderen, het denkselen en de verpoppering dan valt op dat deze benaderingen iets gemeen hebben: het beeld van een redelijke en welwillende mens. Het zijn benaderingen van persoonlijke ontwikkeling die het hart van de duisternis ontkennen en veronachtzamen. Zijn er andere methoden beschikbaar die de zwarte kant wel aanvaarden? Ik zal er drie kort bespreken.

Karaktervorming
Tot voor kort was karaktervorming een ouderwets begrip. Het kwam voort uit een traditie waarin het om de training van deugden ging. Deugd wil zeggen dat je in diverse situaties op dezelfde goede manier handelt. Sinds de Staat van Plato worden er vier deugden onderscheiden: moed, rechtvaardigheid, gematigdheid en voorzichtigheid. Een goede professional en manager zullen altijd volgens deze deugden handelen. In zijn opleiding worden ze er bij voortduring ingehamerd. De herhaling in de training moet ervoor zorgen dat ze tot het automatische repertoire gaan behoren. Neem bijvoorbeeld militairen die in gevaarlijke situaties moeten opereren, zij worden intensief getraind in behoedzaamheid en gematigdheid. Zij mogen hun emoties geen leidraad voor hun handelen laten zijn. Zelfs als kameraden of burgers in hun omgeving worden vermoord, mogen zij aan hun gevoelens van wraak, boosheid of verdriet in hun vechtpraktijk geen gevolg geven. Zij dienen hun emoties te matigen en behoedzaam te zijn. Persoonlijke ontwikkeling is een ontwikkeling tot deugdzaamheid
Is karaktervorming wel zinnig? Jawel. Het toont aan dat met intensieve en herhaalde training de driftimpulsen te beheersen zijn.

Emotionele calculus
Sinds de 17e eeuw kennen we de benadering dat je emoties het best met emoties kunt bestrijden. De grootste Nederlandse filosoof Spinoza, tweede generatie allochtoon, heeft dat markant onder woorden gebracht in zijn Ethica: ‘Een hartstocht kan alleen geremd of vernietigd worden door een tegengestelde, krachtigere hartstocht’. Het principe van de emotionele calculus zegt dat je lust en onlust kunt optellen en aftrekken. Wanneer iemand het plezierig vindt om een greep in de kas te doen, hetgeen hem een lustgevoel oplevert, dan zal wanneer de gedachte aan ontslag  en straf sterker is, hij daar van af zien. Een ander voorbeeld: vroeger hadden we een spelletje op de televisie waarin kandidaten aan een enge situatie werden blootgesteld zoals liggen in een bak met spinnen. Je zag deze mensen hun angsten overwinnen toen een beloning van duizenden guldens in het vooruitzicht werd gesteld. Ook hier werkte de regel van Spinoza: met en sterkere en tegengestelde emotie, krijg je heel wat voor elkaar.
Wat laat deze benadering ons zien? Vooral dat mensen hun driften onder controle krijgen in een omgeving die beloont en straft. Als de voortekenen mij niet bedriegen, vallen steeds meer organisaties op deze benadering terug. Zij werken aan integriteitbeleid, waarin controle en sancties een belangrijk onderdeel vormen. Persoonlijke ontwikkeling wordt opnieuw een kwestie van tucht en discipline.

Uitbesteding
Ten slotte de laatste benadering om de mismatch tussen het ‘vlees’ en de organisatie te compenseren. Het is een listige benadering, omdat deze de mens met zijn en haar driften buitenspel zet. We besteden onze redelijkheid en moraal uit aan apparaten, procedures en checklists. Mensen worden uitvoerders van stappenplannen. Ik zal een voorbeeld geven. Mannen kennen onder elkaar een pikorde. Dit was een uitstekend mechanisme in de struiken maar is een gruwel in de cockpit. Copiloten bemerkten soms vreemde zaken aan de beweging en het geluid van het vliegtuig maar wanneer zij deze hun gezagsvoerder meldden, werden zij door hem niet gehoord. Hij stond immers hoger in rang en wist alles beter. Dat dit wel eens verkeerd afliep hoef ik niet te melden. De oplossing van dit animale probleem is geweest door de hele communicatie tussen copiloot en gezagvoerder te protocolleren in checklists. Ook de terugkoppeling van de copiloot kreeg hierin een plek. Ik heb begrepen dat er zelfs stemmen opgaan om het werk van loopbaanadviseurs te standaardiseren en in protocollen onder te brengen. Kennelijk moeten ook deze professionals getemd worden…

Wie deze drie benaderingen van een afstand bekijkt, ziet ook hier een gemeenschappelijke kern: de onredelijke en mateloze mens.

 

Epiloog
Joseph Conrad schiep een donker verhaal waarin hij de eigenlijke mens schilderde: driftmatig, wreed, wellustig, egoïstisch, kwaadaardig, redeloos. De mens die diep in zijn hart vol duisternis zit en uit is op zijn eigen overleven. Toch is dit maar één kant van het verhaal. Mensen zijn ook sociale dieren. We weten van nature dat we voor ons overleven en voortbestaan ook afhankelijk zijn van de groep waartoe we behoren. Mensen zijn clanwezens. Het tribale zit diep in onze mechanismen verankerd: we zijn vriendelijk, altruïstisch, zorgzaam, gericht op de ander. In het sociale ligt de hoop, in het emotionele en driftmatige de wanhoop. Het temmen van het vlees is een goede zaak, want de mens is de mens en wolf, zoals Hobbes in navolging van Plautus schreef. Maar het moet af en toe ook zijn eigen gang mogen gaan want de mens is de mens ook en God, aldus Spinoza.

Dr. Joep Schrijvers

 

1) Verkorte en bewerkte versie van de voordracht gehouden op 20 oktober 2003 t.g.v. het eerste lustrum van Alites Adviesgroep, Weesp.

 

Dr Joep Schrijvers (46) werkt bij De Baak, managementcentrum VNO/NCW. Hij is essayist en columnist (intermediair) en auteur van het spraakmakende boek ‘Hoe word ik een rat?’ Hij doceert daarnaast capita selecta van de veranderkunde.